“Ik kwam voor het eerst met zending in aanraking toen ik samen met mijn vrouw en oudste dochter voor mijn werk twee jaar in Brazilië was (1976 – 1978). Erna, in de periode van 2005 tot 2010 werkten mijn oudste dochter en haar man in een opvanghuis voor straatkinderen met HIV/AIDS in Belo Horizonte, Brazilië. Wij waren daar ook een paar keer. Toen men mij vroeg zendingsdeputaat te worden, denk ik dat mijn eerdere ervaringen in Brazilië een rol speelden in mijn antwoord; ja!

Door mijn bezoeken aan Zuid-Afrika raakte ik onder de indruk van hoeveel een relatief kleine Vrije Gereformeerde Kerk in Zuid-Afrika doet aan evangelie verkondiging en hulpverlening. Ik zie het als een voorrecht dat wij daaraan mogen bijdragen. Wat mij elke keer weer raakt, is het enthousiasme dat afspat van de kerkdiensten in de jonge gemeenten. Vergeleken met ons land, leven de meeste mensen daar in bittere armoede maar wat een vreugde tonen zij in hun christen-zijn! Zij zijn daarin voor mij een voorbeeld; ik kan daar heel wat van leren. Mooi zijn ook de studiebeurzen waarmee jongeren een goede opleiding volgen en zo de armoede kunnen ontvluchten. De schuld aan het fonds wordt terugbetaald als ze na de opleiding een goede baan vinden.

Uitdaging

Onze uitdagingen? Hoe bied je hulp op zo’n manier dat de partners niet te afhankelijk worden van onze steun? Ons doel is en moet zijn onze partners op de langere termijn zelfstandig te maken. Maar het verbeteren van de betrokkenheid van onze achterban (42 kerken in Friesland en Groningen) is misschien wel een nog grotere uitdaging. Wat ik ook erg belangrijk vind is de vraag ‘wat kunnen wij leren van de jonge kerken in Zuid-Afrika?’ En hoe brengen we dat bij de leden van onze kerken? Als Zuid-Afrika Mission I Verre Naasten willen we zogezegd ‘niet alleen maar op de winkel passen’, maar echt samen met onze partners daar op zoek gaan nieuwe manieren om Christus te volgen, in Zuid-Afrika en Nederland, onder de zegen van onze hemelse Vader.”