“Ik werkte nog maar pas in Tiau (Papoea) toen Ibu Enos zwanger werd. De twee kleine baby's, ieder nog geen 1500 gram, werden te vroeg geboren. Ik wilde hen redden… maar Ibu Enos leerde mij een levensles: wat is leven? Het kindje mocht van haar sterven…”


Het kindje mocht van haar sterven

Ze had een vuurtje gemaakt, op het gras voor mijn huis.  Daar lag haar kindje bij, open en bloot. Met haar hand verjoeg ze de vliegen van het hoofdje. Zo mocht het van haar sterven. Zij  heeft toen mijn ogen geopend voor wat ik ben gaan zien als de essentie van het leven.  Ibu Enos, bedankt.  

Gedreven om de kinderen te redden

Ik werkte nog maar pas in Tiau, toen Ibu Enos (op wat oudere leeftijd) zwanger werd. Samen met haar man had ze al een paar kinderen. De twee kleine baby's, van ieder nog geen 1500 gram, werden te vroeg geboren. Ik wilde hen redden, met tikken onder de voetjes wanneer ze stopten met ademhalen, goed ingepakt voor warmte, met spuitjes en sondes, en met een hoop zorgen of ik het wel goed zou doen. Eén kindje was naar het zendelingsgezin Riemer gebracht, en verzorgden we daar. De moeder met haar andere kind waren bij mij. De volgende ochtend was ik moe, nam een beetje afstand en ging naar de kerk. Toen ik thuis kwam, leerde Ibu Enos met haar kind bij het vuur,  mij een levensles: wat is leven? …… Het kindje mocht van haar sterven…..          

God liep met mij op

Als ik terugkijk naar mijn tijd op Papoea, dan besef ik dat het me heel veel gegeven heeft. Wat paste ik er als mens. Onze levens verweefden met elkaar. Ook al bleef ik voor bijna iedereen “suster”, Tiau was mijn thuis. Het kostte me ook veel. De verantwoordelijkheid in mijn werk, het voortdurende gevoel tekort te schieten. Het toen nog niet kunnen vertrouwen op mezelf. Als mens ging ik ook letterlijk buiten mijn grenzen leven.

Veel later ben ik zelf op weg gegaan, met wat het mij gegeven en wat het mij gekost heeft. Om gaandeweg te ontdekken, hoe God met mij opliep, in diepten en hoogten, en wat daarin Zijn genade is. Ibu Enos heeft mij het zicht op de essentie van het leven toen al gegeven, en later mocht ik het mezelf toe-eigenen. Ik dank mijn Heer hiervoor.